Navigate / search

Data is mooi!

Ik heb het boek ‘Big learning data‘ gelezen. Ik heb wel iets met cijfertjes en vond wiskunde leuk en makkelijk. De zomergasten met Ionica Smeets was geweldig – zij maakte duidelijk dat alpha’s wel graag doen alsof cijfers iets voor nerds is maar dat het cruciaal is voor iedereen. Zelf denk ik dat het alleen nog maar belangrijker wordt met big data beschikbaar. Mocht je nog willen puzzelen is hier een wiskundig raadsel van Ionica Smeets met de oplossing.

Learning data is een nieuw onderwerp – maar groot, breed en nog volop in beweging. In het boek refereren ze naar de skill set van learning professionals gemeten door 1000 self-assessments. Data interpretation was een van de laagst scorende vaardigheden bij learning professionals (learning professionals zijn trainer, docenten, opleiders etc). Veel hoger scoorde presenteren, faciliteren, etc. Met andere woorden, docenten, trainers en facilitatoren zijn meestal niet de eersten die in cijfers duiken. De meeste beta’s worden geen learning professional.

Wat is learning analytics?

Learning analytics is een nieuw onderwerp en gaat over het gebruik van data om leren en leerprocessen te verbeteren. In de cartoon hierboven zie je bv. dat de waarzegster facebook gebruikt als informatie om iets te zeggen over de toekomst. Slim van haar natuurlijk :). Je kunt als learning professional nu veel meer doen met data (informatie) online dan bij face-to-face omdat er allerlei ‘digital trails’ ontstaan online. Dit kan zijn binnen een besloten leeromgeving maar kan ook zijn publiek online, bijvoorbeeld doordat je deelnemers op Twitter zitten. Het boek gaat vooral in op het gebruik van big data in organisaties om het leren te ondersteunen, mn grootschalige data. Wat ik mis in het boek waar je nu praktisch start binnen een organisatie, al zou je kunnen beginnen met een training dashboard waar je systematisch gegevens verzamelt. In dit blogbericht zal ik proberen het eens klein en praktisch te maken door te kijken naar 3 niveaus:

  1. het niveau van je eigen leernetwerk online (ook wel personal learning network PLN genoemd)
  2. het niveau van een online cursus of leergang
  3. het niveau van een organisatie

Ik denk namelijk dat je aan de ene kant soms data beschikbaar hebt die je (nog) niet gebruikt als professional. En aan de andere kant zijn er nieuwe tools die je kunt gebruiken om data te gaan verzamelen.

Niveau 1: het niveau van je Personal Learning Network (PLN)

Op het niveau van je eigen netwerk online kun je heel veel meten, afhankelijk van wat je doelen zijn. Zie het als een vorm van feedback. Zo kun je bijvoorbeeld het aantal retweets meten op Twitter. We hebben het @en_nu_online account op twitter. Daar volg ik het aantal retweets van met als doel te kijken hoe de tips aanslaan. ik doe dit vooral door in Hootsuite een kolom aan te maken met ‘my tweets, retweeten’. Elke maand probeer ik de totalen te verzamelen en in een excel sheet te zetten. Zo was in de zomer het aantal retweets lager. Het valt met op dat hele praktische tweets veel geretweet worden – dit helpt om gerichter te kiezen welke tips je gaat delen. Ik denk zeker dat mijn keuze in tweets beïnvloed is door het volgen van het aantal retweets. Zie ook mijn blogpost ‘Volg niet je aantal volgers maar je mentions en retweets‘. Nieuw bij Twitter is dat je ook analytics kunt aanzetten. Ik heb dit gisteren gedaan en je krijgt erg veel informatie over je tweets. Meer hierover kun je lezen op de blog van Frankwatching. Ook kwalitatief kun je monitoren, bv kijken via een Twitter search wie er allemaal iets over een bepaald onderwerp zeggen.

Niveau 2: het niveau van een online cursus of leertraject

Voor de leergang ‘leren en veranderen met nieuwe media‘ gebruiken we een online platform, een Ning platform. Binnen dit platform kun je ook gebruik maken van data. Je kunt bijvoorbeeld zien welke onderwerpen veel antwoorden kregen. Wij gebruiken dit soort informatie als we blokken gaan door ontwerpen. Maar behalve het aantal antwoorden kun je ook het aantal views zien (weergaven). Ik gebruik deze informatie als er naar mijn zin weinig reacties zijn. Soms lezen mensen wel maar is het nog wel een zwaar onderwerp om even snel te reageren. De meeste platformen hebben wel data, en wil je meer dan zou je gebruik kunnen maken van Google Analytics. Meer kwalitatief kun je bv. analyseren met een woordenwolk (eg. wordle of tagxedo) wat de belangrijkste termen uit een discussie waren. In Moodle kijk ik vaak welke mensen de afgelopen 5 dagen niet hebben ingelogd.

Niveau 3: het niveau van een organisatie of netwerk

Op het niveau van een organisatie of school wordt het wel wat complexer. Kun je voor het monitoren van je eigen netwerk of een cursus nog wel zelf bekijken wat je zou kunnen analyseren, binnen een organisatie of school wordt het wel echt een project heb ik het idee omdat je ook moet gaan kijken naar de performance data en dashboards die er al bestaan. Het mooiste is als je een link kunt maken tussen functionering en beoordeling en opleiding/ informeel leren. Wie kan er welke rol spelen? Denk hierbij de Research en development, Leren en opleiden (HRD), Data scientists en management.

Misschien is een goed begin binnen een organisatie of school om te kijken wat je eigenlijk al aan data gebruikt. Soms kan het verzamelen in een excell sheet als een grote stap zijn. Daarnaast kun je nadenken over een organisatievraagstuk waar je wel meer inzicht in zou willen hebben. Hoe kun je nu systematischer data gaan verzamelen om een stap verder te komen in dit vraagstuk? Dus begin bij een vraagstelling. Eigenlijk vind ik het boek ‘measuring the networked non-profit’ van Beth Kanter en Katie Delahaye Paine  daar een praktischer boek voor dan ‘big learning data’. Zij zeggen ook ‘deciding what to measure is 90% of the process‘.

Overigens heb ik een exemplaar van het boek big learning analytics over dus als je dit boek wilt winnen kun je hieronder een reactie geven met de manier waarop jij data gebruikt voor het monitoren van je leernetwerk, je cursus of binnen je organisatie.

Tags: analytics, learning

Je online reputatie. Dag 5: beweging in je profiel

Gisteren heb je een goede slag gemaakt met je LinkedIn profiel. Als het gaat om het versterken van je online reputatie ben je er nog niet met een goed profiel. De kunst is namelijk om je profiel ‘in beweging’ te laten blijven door af en toe iets toe te voegen. Daarmee blijf je zichtbaar in je netwerk. Een nieuw project, een nieuwe vaardigheid, een aanbeveling van iemand met wie je samenwerkt, een nieuw contact en wellicht zelfs een nieuw geschreven artikel of een nieuwe presentatie die je ergens hebt gebruikt.

In de blog van gisteren heb ik al vertelt hoe ik mijn LinkedIn profiel regelmatig aanvul. Een praktische reminder werkt bij mij het beste. Het fijne aan dit ‘in beweging houden’ is dat je nu niet nog een deel van de dag aan je profiel hoeft te besteden, maar dat je dit ook prima in kleine beetjes kunt doen! Behoefte aan tips ten aanzien van een goed profiel? Al googlend kom je heel veel sites tegen met nuttige rijtjes en checklists.

  • Bekijk op internet eens een paar rijtjes met tips ten aanzien van je LinkedIn profiel. Een goed vertrekpunt is het boek ‘Hoe LinkedIn nu echt te gebruiken’, wat je hier gratis kunt downloaden. Maak vervolgens je eigen lijstje met 10 acties die je voor de komende tijd kunt bedenken. Wat is een manier om dit zo nu en dan op te pakken?
  • Vraag eens 2 vrienden of collega’s om naar je LinkedIn profiel te kijken. Wat vinden ze sterk aan je profiel en waar zien zij verbeteringpunten?

Een week gewerkt aan je online reputatie. Gefeliciteerd! Je kunt eens kijken of je Google pagina al wat verandert is, maar ik denk dat het daar nog wat te vroeg voor is. Dat heeft wat meer tijd en actie nodig. Zin om de lijn voort te zetten? In het werkboek ‘Bouw je online reputatie’ vind je opdrachten die je verder helpen in de komende weken. Lijkt het je leuk om met andere mensen tegelijk op te trekken? Doe dan mee aan de online cursus die op 13 januari 2014 van start gaat.

Trouwens… je kunt nu meedoen aan een wedstrijd en dan maak je kans op gratis deelname aan de cursus! Daarover lees je meer in onze nieuwsbrief. De wedstrijd loopt tot 13 december.

Veel succes!

Je online reputatie. Dag 4: blik op je LinkedIn profiel

Als we het hebben over onze online reputatie dan kunnen we niet om LinkedIn heen. LinkedIn wordt in toenemende mate door werkgevers, recruiters en klanten gecheckt als referentie bij sollicitaties of aanbestedingen. Bovendien verhoogt een goed profiel je zichtbaarheid op het web. Je kunt tegenwoordig zoveel in je profiel opnemen! Niet alleen meer een beschrijving van je loopbaan, maar ook informatie over je vaardigheden, publicaties, boeken die je hebt gelezen…

  • Als je nog geen LinkedIn-profiel hebt, maak dan een account aan. Je kunt hierbij de LinkedIn hand-out gebruiken op onze website.
  • Bekijk je LinkedIn profiel. Waar ben je tevreden over? Welke drie of vier onderdelen van het profiel wil je aanvullen? Wellicht komt een tip uit onderstaand kader van pas?

 

Misschien ook voor jou handig? Ik wil mijn LinkedIn profiel een beetje ‘in beweging’ houden. En om dat voor elkaar te krijgen heb ik een reminder in mijn takenlijstje om twee keer per week iets kleins toe te voegen aan mijn profiel: een nieuw contact, een berichtje op mijn activiteitenlijn, een project waar ik aan werk, … Voor mij werkt dat prima!

Wil je niet alleen deze week met je online reputatie aan de slag? Geeft deze reflectie je het gevoel dat er nog veel uit te halen valt voor je?  Maak dan gebruik van het praktische werkboek, de online cursus (start 13 januari!) of een persoonlijk coachingstraject. Hier lees je meer.

Veel succes vandaag!

Je online reputatie. Dag 3: op welke onderwerpen wil je gevonden worden?

Gisteren heb je gekeken hoe je als persoon in Google naar voren komt. We gaan vandaag een stap verder. Je wilt namelijk ook gevonden worden op de onderwerpen uit je ik-wolk.

  • Typ de drie belangrijkste onderwerpen in een zoekmachine. Kom je er zelf in voor? Waarom wel of niet?
  • Maak ook van deze opbrengst een screenprint, met wellicht enkele aantekeningen naar aanleiding van je analyse.
  • Nu vragen we je een korte blik te werpen op de nabije toekomst: hoe zou je graag willen dat je online door anderen gevonden wordt? Met welke 3 links wil je op de Google pagina staan? Waar verwijzen deze links dan naar?

 

Je hebt inmiddels je inhoudelijke focus te pakken en je hebt een beeld ontwikkeld van de wijze waarop je nu gevonden wordt en wat je daarin wilt versterken. Je zet goede stappen in het versterken van je online reputatie! Mooie opbrengst! En dit Googlen kun je natuurlijk regelmatig herhalen 🙂 Morgen maken we nog een nieuwe stap en nemen we je LinkedIn profiel erbij.

Je online reputatie. Dag 2: Google jezelf!

Heb je je inhoudelijke focus enigszins te pakken? Opdracht 1 ging over het maken van een ik-wolk. Vandaag bekijk je hoe zichtbaar je bent op het web en op welke manier je tevoorschijn komt. Hoe ziet je online reputatie er al uit? Verschijnen je tennisresultaten van vijf jaar geleden op de eerste pagina van Google? Heb je een naamgenoot die veel duidelijker zichtbaar is? Of wordt de eerste pagina gevuld met informatie over jou met links die je daar graag ziet? Door jezelf te googlen kun je zien hoe anderen je online tegenkomen.

  • Ga naar Google en typ je naam in. Bekijk de eerste pagina. Ben je tevreden met de resultaten?
  • Welke gegevens heb je er zelf op gezet en welke komen door een activiteit waar je aan hebt deelgenomen?
  • Maak een screenprint van je eerste Google-pagina. Het kan handig zijn om je analyse van deze nul-meting er kort bij te schrijven.

Lees verder

Hoe zichtbaar ben jij online? Je online reputatie versterken. Doe mee!

Heb jij jezelf onlangs eens gegoogled? Het is waardevol om te zien wat anderen van jou ‘zien’ als ze online naar je op zoek gaan! Als zzp’er ben je je hier vast al wel bewust van. Maar ook als je in een organisatie werkzaam bent, kan het belangrijk zijn dat collega’s je vinden op jouw expertise. Hoe laat je zien wat je bezig houdt, waar je in gelooft en waar je graag aan werkt?

Persoonlijke reputatie gaat om wat jou onderscheidt van anderen: wat is specifiek voor jouw interesses en jouw manier van werken? Dit goed van jezelf weten en laten zien, maakt dat anderen met de ‘juiste’ vragen bij je komen. Of dat je collega professionals treft met een soortgelijke belangstelling als jij. Persoonlijke reputatie is niet hetzelfde als zelf-promotie. Een reputatie opbouwen doe je door relevant te zijn op je vakgebied en een unieke stem, visie en werkwijze als professional uit te dragen. Door je kennis en expertise online te delen  bouw je een professionele reputatie op. Een goede online aanwezigheid kan van alles opleveren: inspiratie, nieuwe contacten, een werkopdracht, een baan.

Lees verder