Navigate / search

Tips voor samenwerken met inhoudsdeskundigen bij online leren

Ik kwam een keer binnen bij een specialist die mee zou werken aan een webinar. Bij het woord webinar viel hij bijna van zijn stoel van paniek. Hij verklaarde trots “eigenlijk al best moeite te hebben met het maken van een powerpoint“. Omdat hij erkend werd als een specialist op zijn vakgebied had hij er geen moeite mee zich als technofoob te profileren, sterker nog – hij leek er wel trots op! Wat ga je dan doen, toch iemand anders zoeken of ga je door met deze specialist?

Bij het ontwerpen en faciliteren van een online leertraject kan het zijn dat je gaat samenwerken met professionals die vanuit de inhoud meewerken, vaak zonder online ervaring. Een aantal ervaringen en tips uit onze eigen praktijk:

  • Probeer in eerste instantie mensen te zoeken met affiniteit/enthousiasme om online te leren werken om mee samen te werken. Er zijn veel inhoudsdeskundigen met koud water vrees voor online leren en technologie. Start met mensen die enthousiast zijn om het te leren, of al wat ervaring hebben, en dit hoeft lang niet altijd een jonger iemand te zijn. Echter als een deskundige zegt “ik vind een powerpoint maken al een opgave” dan kun je wellicht beter een andere partner zoeken. Deze luxe zul je niet altijd hebben. Als er maar één specialist op een bepaald gebied is zul je daar toch mee moeten werken. En dan geldt:
  • Maak het online makkelijk voor de inhoudsdeskundige. Er zijn veel manieren om het makkelijker te maken, zo kun je bij een webinar samen achter één computer gaan zitten en iemand interviewen. Je kunt ook uitleggen dat jij faciliteert en de chat in de gaten houdt, zodat de expert zich kan concentreren op de inhoud. Je kunt afspreken dat je belangrijke vragen uit een forum elke dag doorstuurt per mail. Zo lukt het iedereen wel om mee te doen.
  • Stel de inhoudsdeskundige gerust. Een expert kan er als een berg tegenop zien omdat het allemaal onbekend is, opeens is hij of zij weer onbekwaam. Je kunt hem of haar gerust stellen door de stappen duidelijk te maken en uitleggen waar online verschilt van een face-to-face presentatie. Neem hier voldoende tijd voor. Een zenuwachtige expert komt de kwaliteit niet ten goede.
  • Oefen met de tools. Het bekend raken met de tools is belangrijk om niet voor rare verrassingen te komen staan, bijvoorbeeld dat de expert niet weet hoe hij of zij de slides moet bedienen of door een firewall niet in kan loggen. Tegelijkertijd kun je iemand enthousiast maken door succesvolle voorbeelden te laten zien.

Een expert kan een verschillende rol hebben, variërend van materiaal aanleveren tot gastspreken in een webinar of mee ontwerpen van het traject. In het laatste geval is het een bekend fenomeen dat inhoudsdeskundige vanuit de inhoud denken en dus vooral met kennisdoelen aan zal komen “ze moeten weten dan…”. Ga dan vooral zelf in gesprek met toekomstige deelnemers om leervragen te onderzoeken. Als je dit niet doet bestaat het gevaar dat je niet voldoende aansluit op de praktijkvragen van de deelnemers.

Lees ook: What everybody should know about working with subject matter specialists en 7 tips for working with subject matter experts.

Heb jij aanvullende tips of ervaringen? Laat het hieronder weten!

Online activiteiten in aanloop naar een workshop of training

We hebben een goede klassikale cursus, maar we willen meer online. Hoe kunnen we in aanloop naar de face-to-face bijeenkomst al online aan de slag zodat dit onze workshop of training sterker maakt? Wat zijn mogelijke online activiteiten? Wat kunnen we al doen?

Deze vraag krijg ik regelmatig. Aan wat voor online activiteiten kan ik denken? Een goede vraag, want onze ervaring is dat een online aanloop een workshop of training echt sterker kan maken. Soms omdat deelnemers elkaar al een beetje leren kennen, of omdat het je als trainer al zicht geeft op de ervaring en leerwensen van deelnemers. Maar je kunt ook een activiteit uit de workshop naar voren halen. Die brainstorm kunnen deelnemers online wellicht al doen. Ze kunnen zich online al wat verdiepen in het thema dat straks centraal staat. Of je laat ze naar een video kijken waar de presentatie van de expert die in de workshop aanwezig is al op te zien is. Welke vragen roept dit op? Ik wil hier ook mee laten zien dat er zoveel meer mogelijk is dan deelnemers dat artikel of die video laten bekijken.

Ik heb de verschillende activiteiten geclusterd in zes aandachtsgebieden: (1) kennismaken, (2) iets nieuws tot je nemen, (3) brainstormen, (4) reflecteren, (5) onderzoek doen) en (6) experimenteren. Afhankelijk van dat wat je online wilt stimuleren, kun je kijken welke online activiteiten je aanspreken. Veel plezier!

Kennismaken

  • Stel jezelf voor… een online aanloop kun je bij uitstek gebruiken om deelnemers al kennis met elkaar te laten maken. Een eenvoudige discussie in een forum kan al voldoen (Wat is jouw eerste verbinding met Afrika?).
  • Of je nodigt mensen uit een foto te delen die iets over zichzelf vertelt.
  • Je kunt ook kennismaken op basis van reeds aanwezige ervaring, leervragen of wensen ten aanzien van de face-to-face bijeenkomst die er aan komt.

Iets nieuws tot je nemen: lezen, kijken, luisteren

  • Vraag deelnemers om een artikel te lezen, een video te bekijken of naar een podcast te luisteren. Geef ze een vraag mee, waar je in de workshop op terugkomt (Formuleer een stelling, wat zie jij als de 3 tips…)
  • Verzamel op een plek online bronnen die een introductie geven op het onderwerp van de komende workshop. Nodig deelnemers uit om twee of drie bronnen te bekijken en daar kort hun mening of schets van de kern aan toe te voegen.
  • Maak een video-opname van een presentatie van een expert die ook in de workshop aanwezig zal zijn. Laat deelnemers hier naar kijken en nodig ze uit om hun vragen naar aanleiding van deze video-presentatie in een forum te formuleren.
  • Stel voor om samen een quiz te maken over de te lezen artikelen. Als elke deelnemer 2 quizvragen maakt, heb je een leuke start van de workshop.

Brainstorm/ associatie/ verzamelen

  • Heb je in de workshop een brainstorm gepland, dan kun je die prima verplaatsen naar online. Nodig deelnemers uit hun 3 tot 5 belangrijkste associaties ten aanzien van ‘versterken organisatiecultuur’ te benoemen. Verzamel deze online zodat iedereen elkaars associaties ziet en daar al op door kan bouwen.
  • Laat deelnemers op zoek gaan naar iets, wat ze vervolgens delen met de andere deelnemers. Wat is jouw favoriete artikel of blog als het gaat om leiderschap? Welke afbeelding staat voor jou voor ‘lean’? Welke video gebruik jij veel in je training over aanspreken en feedback?
  • Nodig deelnemers uit om een half uurtje op het internet rond te kijken en waardevolle links te bewaren in een online bibliotheek. Op deze manier maak je de start met het aanleggen van een collectieve bibliotheek.

Reflecteren

  • Vraag deelnemers een concrete situatie uit hun praktijk te beschrijven waarin ze te maken hadden met … een voor hen stimulerende leidinggevende. Wat deed hij of zij? Wat maakte dat het voor jou stimulerend was?
  • Laat deelnemers een korte online test doen (zelf gemaakt of reeds beschikbaar) en vraag ze de uitslag van deze test te delen, tezamen met een eigen reflectie daarop.
  • Nodig deelnemers uit om een casus te beschrijven waar ze op dit moment aan werken, die ze in de komende workshop graag bespreken.

Onderzoek (in je praktijk)

  • Geef deelnemers de opdracht om 2 collega’s, vrienden, externen kort te interviewen over het onderwerp dat in de workshop centraal staat. Deel de kern van deze gesprekken online. Welke patronen, lijnen komen uit dit onderzoekje naar voren die waardevol zijn voor verdere bespreking?
  • Laat deelnemers kiezen uit 5 subthema’s en vraag ze zich in het gekozen thema te verdiepen. Wat kun je hierover online vinden? Deel de opbrengst van je onderzoekje met de anderen.
  • Vraag deelnemers gedurende een week foto’s te maken van iets in hun omgeving dat van waarde is voor de workshop. Deze foto’s kun je al online met elkaar delen en zelfs voorzien van een zin, statement, rating.

Experimenteren, maken

  • Laat deelnemers kiezen uit 3 modellen, tools, benaderingen en vraag ze daarmee te experimenteren. Tijdens de workshop nodig je de deelnemers (of groepjes deelnemers) uit om een korte presentatie van de opbrengst van hun experiment te geven.
  • Maak eens een analyse van je netwerk, een schets van de belangrijkste stakeholders in je project en deel dit online met de andere deelnemers. Wat valt je op? Overeenkomsten, verrassingen, welke vragen roept het op?
  • Leg deelnemers een casus voor. Dit kan een beschreven casus zijn, maar ook een kort filmpje. De vraag aan de deelnemers is hoe zij hierop zouden reageren? Verzamel de verschillende reacties en kom er in de workshop op terug.