Navigate / search

Opbouwen van (zelf) vertrouwen online

Sociaal en gezamenlijk leren vereisen een bepaalde mate van (zelf)vertrouwen: je geeft jezelf toch enigszins bloot door die vraag voor te leggen. Hoe kun je dit vertrouwen online opbouwen? Kennisdelen en collectief leren vraagt om waardevolle en diepgaande discussies. Over het delen van die kennis die echt waardevol is voor collega’s. Over het voorleggen van die vraag waar je echt geen antwoord op hebt. Meer en meer zetten we nieuwe media in om processen van kennisdelen en informeel leren te ondersteunen. Een belangrijke factor in het succes hiervan ligt mijn inziens bij het geven of opbouwen van het vertrouwen van betrokkenen.

Met alleen het stellen van goede vragen bereik je geen kwalitatieve dialoog. Het vergt ook een bepaalde mate van vertrouwen bij de deelnemers om een reactie te ‘durven’ plaatsen. Zit de ander wel op mijn reactie te wachten? Ben ik wel de juiste persoon om hier antwoord op te geven? Ik ken degene die de vraag stelt helemaal niet…En dan komt mijn reactie zo zwart of wit te staan. Of interpreteert de ander mijn reactie wellicht heel anders dan bedoeld.

Lees verder

Met technologie internationale samenwerkingsissues oplossen is een mythe

Yvonne van der Pol werkt vanuit haar bedrijf Luz azul trainingen, advies & coaching aan intercultureel vakmanschap. Ze heeft in 2013 de leergang Leren en veranderen met sociale media gevolgd. In de leergang heeft ze een blended leertraject over interculturele effectiviteit ontwikkeld, zowel in-company als in open inschrijving. Het optimaliseren van werkrelaties van mensen uit verschillende culturen is de kern van haar werk. We leven in een ‘global village’ door internet. Ik ben benieuwd wat we van haar kunnen leren over intercultureel online werken….

Vanwaar je interesse in intercultureel vakmanschap?

Ik heb Sociologie van de niet-westerse samenlevingen gestudeerd en heb 10 jaar in internationale samenwerking gewerkt. Al op mijn 18e jaar ging ik naar de Verenigde Staten, dan kom je in een andere cultuur en moet je je aanpassen. Lees verder

How does PKM meet organizational learning?

This blog is written by our guest blogger Jaap Pels. He attended the Masterclass of Harold Jarche on his Personal Knowledge Management (PKM) and Seek>Sense>Share process.

The lead up and attendance of the Masterclass entice me to reflect: I realise that I permanently seek information on KM4Dev (Knowledge Management 4) #development in the broadest sense and share it scattered on #social #media and in #face to face #meetings. So a day with Harold #Jarche is a good opportunity to interact – listen, question, discuss and create #knowledge – around the #PKM model #Seek, #Sense, #Share (SSS). This is an occasion for some self-reflection too :-). A permanent and essential component of my seeking is that I use tags to trace my seeking and findings, even if or especially if they are haphazard.

Lees verder

Training on the job via online leeromgeving

Ik werd regelmatig gevraagd of online leren ook iets is voor op medewerkers  op MBO niveau, tenslotte zitten MBO-ers minder vaak de hele dag achter een computer. Hierbij een interview met Johny Hoesen over online leren voor operators, veelal MBO niveau. Johny Hoesen werkt bij SCA Hygiene Products in Gennep, bekijk de locatiefilm  of de website. Zij produceren onder andere incontinentieproducten van het merk ‘Tena’, onderleggerproducten en wegwerpslabben. Hij is zelf in 1992 gestart als operator in ploegendienst. Na diverse omzwervingen binnen de organisatie is hij nu verantwoordelijk voor alles wat met trainen en opleiden heeft te maken.

Wat doet een operator bij jullie zoal?

De incontinentieproducten worden geproduceerd met hightech productiemachines van wel 60 meter lang. Een aantal machines bestaat uit 2 verdiepingen. Deze gevaartes moet je als productieteam zien te temmen. Sommige producten bestaan uit wel 15 verschillende grondstoffen. De grondstoffen worden de machine ingevoerd en er komt een eindproduct uit, 500 stuks per minuut. Een belangrijke taak van een operator is het uitvoeren van productcontroles, het ombouwen van de machine naar een ander productvariant, het verhelpen/oplossen van eerstelijns storingen en monitoren van de productie – het ‘proactief produceren’. Het is zeker geen lopende band werk. Iedere dag is weer anders.

De uitdaging van een operator is produceren van kwalitatief hoogwaardige incontinentieproducten met zo min mogelijke machine stops en afvalproducten. Als de machine na een stop wordt opgestart dan zijn de eerste 30 producten afval. Als het aantal machine stops afneemt neemt ook het aantal afvalproducten af. In de afgelopen 4 jaar is er op dit gebied een flinke doorbraak gecreëerd. Ongeveer 4 jaar geleden had je gemiddeld 35 machine stops in een dienst van 8 uur. Nu is dat gemiddeld 6 machine stops per dienst.

Hoe ondersteun je de operators bij het effectief leren?

De meeste operators zijn echt mannen van de praktijk. Leren op de werkplek door te doen en ervaren. De rode draad in dit leerproces is het 70 20 10 model van Charles Jennings waarbij de operator 70% op de werkplek leert door te doen, 20% leert van een coach/mentor/specialist en 10% door formeel te leren.

Op dit moment groeit de organisatie en stromen er regelmatig nieuwe operators binnen. Dit leerproces probeer ik steeds meer te sturen en ondersteunen vanuit onze online leeromgeving.

Hoe ondersteun je werkplekleren vanuit de online leeromgeving?  

Er zijn eigenlijk 4 manieren waarbij we het leerproces (bij de machine) vanuit de online leeromgeving ondersteunen.

1. Het inwerktraject voor nieuwe operators ‘training on the job’. Dit leerproces wordt gestuurd vanuit de online leeromgeving. Hierin staan opdrachten op verschillende gebieden klaar. De operator neemt de opdracht mee naar de machine en gaat daar op onderzoek uit. Hierbij worden zij ondersteunt door een mentor, ervaren operator. De operators zijn erg tevreden over de praktische opdrachten, dit merk je wel aan de opdrachten die ze inleveren. De operators vragen nooit  om traditionele training in een klaslokaal – het zijn geen zitters en willen liever niet in de schoolbanken!

2. Op dit moment gaan we het werkplekleren uitbreiden door gebruik van een tablet bij de machine. Dit is effectief, leuk maar ook noodzaak. Omdat wij met steeds minder operators aan de machine produceren ben je als operator steeds meer op jezelf aangewezen. Als je niet kunt terugvallen op je collega kan de operator instructievideo’s bekijken als voorbereiding op bepaalde werkzaamheden. Bijvoorbeeld als de operator een machineonderdeel moet ombouwen en hij weet niet precies hoe dat moet. Hij kan dan tijdens het bekijken van de instructievideo de ombouwvaardigheid uitvoeren. Per machine komt er een industriële tablet – dit is een robuuster apparaat.

3. Formeel leren doen we onder andere met behulp van E-Learning modules en e-toetsen. Collega’s loggen dan thuis in op de online leeromgeving en doorlopen een online training. Een ander voorbeeld is de veiligheidsfilm en toets die jaarlijks door iedereen herhaald moet worden. Ben je een binnen cao-er en is de duur van de online training langer dan een half uur dan wordt dit uitbetaald in uren of geld. Vroeger moest men hiervoor terugkomen of langer blijven– nu zeg je doe het thuis wanneer het jou uitkomt.

4. Soms koop ik trainingen in. Als het mogelijk is en de aanbieder gaat hierin mee dan probeer ik trainingen te combineren met de online leeromgeving. Dit doe ik dan in de vorm van een ‘Blended Learning’. Een mix van E-Learning, klassikale bijeenkomsten en praktijkopdrachten. Zo is er een training ‘Plannen en organiseren’ in deze vorm aangeboden. In de oude vorm kwamen operators 14 keer bij elkaar en was het vooral theoretisch. In de nieuwe vorm hebben we dit terug gebracht naar 5 bijeenkomsten en meer praktijkgericht. De deelnemers waren hierover zeer enthousiast.

Wie beheert de online omgeving en maakt de instructiefilmpjes?

Ik beheer de online leeromgeving, ontwikkel de E-Learning modules, toetsen,  film ik zelf en doe de montage van de instructievideo’s. We maken bewust geen gebruik van professionele videoproducties – het is te duur en je krijg niet precies wat je wilt. Een voordeel is dat ik zelf in productie heb gewerkt en me goed kan inleven in wat een operator nodig heeft. Bovendien moet een filmpje functioneel zijn en is professionaliteit bijzaak.

Wat is jouw advies voor anderen die met online (werkplek)leren binnen een organisatie aan de slag gaan?

Een ‘aantal’ belangrijke tips die ik mee kan geven zijn:

  • Zorg voor commitment vanuit alle lagen van de organisatie.
  • Zorg voor een gebruiksvriendelijke leeromgeving en houdt rekening met digibeten, het moet voor iedereen toegankelijk zijn.
  • Zorg voor een duidelijke, herkenbare structuur. Werk met vaste formats, lay-out en programma’s. Dan zien mensen dezelfde knoppen en raken eraan gewend. De leercurve om online te leren heb je dan maar 1 keer.
  • Gebruik alleen de middelen die nodig zijn, dus geen webinars gebruiken als je elkaar iedere dag of week ziet.

TIP: als je geen kennis hebt van bijvoorbeeld een Learning Management System, monteren van instructiefilms, bepaalde softwarepakketten om E-Learning modules te ontwikkelen enz. volg dan in ieder geval een (basis) cursus. Ik heb alles zelf uitgezocht – daar leer je veel van maar het kost heel veel tijd, bloed, zweet en tranen.

Wat zou je zeggen tegen mensen die denken dat je voor MBO niveau niet met online leren moet beginnen?

Ik ben het daar natuurlijk niet mee eens… De leertrajecten verlopen op dit moment succesvol. Deelnemers, over het algemeen MBO-ers, zijn enthousiast, leren snel en zijn sneller een speler binnen het team.

What are you good at when it comes to Seek Sense Share?

Wednesday 18th of February we will have an interactive webinar with Harold Jarche. You probably have heard about the Seek-Sense-Share model, and in this webinar we will look at the skills you need to effectively  use this model as a professional.

Two weeks ago we had the opportunity to work with Harold Jarche for a couple of days, and I reflected om below presented statements. Although they were not that new to me, they helped me focus again. One valuable insight I got out was that I do have an interesting and diverse network of people around me, but I could make much more use of it, then I do now. And one of my strengths is the tools and techniques I use to capture my knowledge. When I start with a new project, I can easily find a couple of blogposts and articles that help me get started. I hope those statements are helpful to you as well!

Please rate yourself on the following statements (Low 1 – 5 High):

  1. I know the area of knowledge I want to focus on.
  2. I know what knowledge I have that is interesting to share with others.
  3. I have good tools and techniques, which help me capture my knowledge.
  4. When a colleague asks me for a specific tool or method I have used, I can easily find it in my ‘library’.
  5. I regularly discuss my questions and experiences with colleagues.
  6. I have access to the field of knowledge that is interesting to me.
  7. I have several positive examples of situations in which my network helped me out.
  8. I regularly seek out new areas to observe and gain insights.
  9. When I look at my network, there is enough diversity for innovation and new perspectives.
  10. I regularly take time to reflect on my learning and capture my ideas.

Question to you: What is an aspect you rate very high? What is something you want to improve?

  • Please identify one aspect you know you are really good at, with a short explanation.
  • Share one aspect you want to improve or an aspect you have questions about.

You can share your answers below as a comment to this blogpost. We will use the results of this reflection exercise in the webinar. Looking forward reading about your strengths and questions!